
“Kinderen moeten zich even kunnen verliezen in een boek”
Danielle Brinkhuis over basisvaardigheden, zoals lezen en meedenken over de nieuwe kerndoelen
In groep 7 van Daltonschool De Zonnewende in Apeldoorn is lezen geen tussendoortje. Elke dag trekken 22 leerlingen een half uur uit om in een boek te duiken. Stil, geconcentreerd en soms helemaal in een andere wereld.
De drijvende kracht daarachter is Danielle Brinkhuis, leerkracht van groep 7 en leescoördinator op school. Vorige week schoof ze bovendien aan bij een bijeenkomst van SLO (Stichting Leerplanontwikkeling), waar onderwijsprofessionals meedenken over lezen, basisvaardigheden en de nieuwe kerndoelen voor het onderwijs.
We spraken haar over leesmotivatie, betekenisvol taalonderwijs en waarom goed onderwijs volgens haar vooral draait om verbinding.
“Volgens mij moeten we gewoon meer gaan lezen”
Het idee om het leesonderwijs anders aan te pakken ontstond vrij spontaan. Vorig schooljaar werkte Daniëlle met haar groep 6 nog met de leesmethode Estafette, maar gaandeweg begon ze zich af te vragen of het ook anders kon. Ze merkte dat er te weinig tijd en ruimte was voor leerlingen om echt zelf te lezen en zich te verdiepen in een boek. Dat bracht haar op het idee om het anders aan te pakken en het lezen weer centraler te zetten in de klas. Ze schreef een plan voor de vier groepen 6 op school, met als doel om het leesplezier en de leesmotivatie van kinderen te vergroten.
“Op een gegeven moment zei ik tegen mijn collega’s: volgens mij moeten we die methode er gewoon uit halen. Ik miste de tijd en ruimte waarin kinderen echt zelf kunnen lezen. Kinderen moesten weer nieuwsgierig worden naar boeken, meer praten over verhalen en ontdekken wat ze leuk vinden.”
Het plan sloeg aan, niet alleen bij de leerlingen maar ook bij het team. Uiteindelijk werd besloten om het groter aan te pakken en schoolbreed te stoppen met Estafette en samen een eigen leesplan te ontwikkelen.
Lezen krijgt tijd én samenhang
In het leesplan van De Zonnewende staat één ding centraal: lezen krijgt tijd. Leerlingen lezen elke dag een half uur en daarnaast werken de leerkrachten met mini-leeslessen en rijke teksten. Die aanpak zorgt ervoor dat kinderen echt in een verhaal kunnen komen en zich beter kunnen verdiepen in wat ze lezen.
“Als je maar vijf of tien minuten leest, kom je eigenlijk nog niet echt in een boek. Dan ben je net een beetje in het verhaal en moet het alweer dicht. Daarom nemen wij er bewust meer tijd voor. Met een half uur zie je dat kinderen echt verdiept raken in hun boek. Ze verliezen zich even in het verhaal. Tijdens dat leesmoment lees ik zelf ook mee, want ik vind het belangrijk dat kinderen zien dat lezen iets normaals is.”
Het leesplan gaat daarbij verder dan alleen meer leestijd. De rijke teksten die worden gebruikt, koppelen de leerkrachten bewust aan andere vakken, zoals IPC-thema’s en taalonderwijs. Daardoor wordt lezen geen los onderdeel, maar iets wat door de hele dag heen terugkomt. Die aanpak ontwikkelde Daniëlle samen met haar team, mede op basis van haar opleiding tot leescoördinator aan het Marnix College.
“We wilden af van dat ‘hapsnap’-onderwijs, waarin alles losse onderdelen zijn. Juist door dingen te verbinden ontstaat er meer samenhang en rust. Ik snap heel goed dat er vanuit de overheid veel aandacht is voor basisvaardigheden, want we willen goed onderwijs bieden. Maar volgens mij werkt dat alleen als je het niet los aanbiedt. Digitale geletterdheid hangt samen met taal, en taal kun je weer koppelen aan wereldoriëntatie. Als je dat samenbrengt, win je tijd én kun je veel dieper op de stof ingaan. Als kinderen begrijpen waarom ze een tekst lezen, beklijft het gewoon beter.”
Ondertussen houdt ze haar collega’s actief betrokken door wekelijks ideeën voor leespromo tie te delen via de schoolmemo. “Dat werkt eigenlijk als een soort olievlek: steeds meer collega’s pakken het op.”
Basisvaardigheden horen bij elkaar
Volgens Danielle werkt het vooral goed als basisvaardigheden met elkaar verbonden worden. In haar lessen probeert ze die samenhang bewust zichtbaar te maken. Leerlingen lezen bijvoorbeeld een tekst, praten daar samen over en verwerken hun ideeën daarna in een schrijfopdracht.
“Voor mij zijn basisvaardigheden geen losse onderdelen. Taal zit eigenlijk overal in. Kinderen lezen een tekst, praten er samen over en schrijven er daarna bijvoorbeeld een reactie of samenvatting over. Door lezen, praten en schrijven te combineren krijgen ze veel meer diep begrip van een tekst. Daar draait goed taalonderwijs uiteindelijk om: niet alleen woorden lezen, maar begrijpen, interpreteren en je eigen gedachten kunnen verwoorden.”
Meepraten over de nieuwe kerndoelen
Dat Danielle onlangs mocht aanschuiven bij SLO (Stichting Leerplanontwikkeling) vond ze bijzonder. Tijdens een bijeenkomst dacht ze samen met andere onderwijsprofessionals mee over hoe de kerndoelen in leerlijnen kunnen worden weggezet.
Via een collega zag ze een oproep om mee te denken over de kerndoelen. Ze meldde zich aan en werd vervolgens ingeloot. Tijdens de bijeenkomst zat ze met een kleine groep onderwijsprofessionals – leerkrachten, intern begeleiders en schoolleiders – om samen te kijken hoe de nieuwe leerlijnen eruit kunnen gaan zien.
“Het mooie vond ik dat je ziet hoe abstracte kerndoelen uiteindelijk worden vertaald naar concrete leerlijnen waar leerkrachten in de klas echt iets mee kunnen. En dan besef je ook: wat we hier bedenken, kan straks in heel Nederland gebruikt worden. Dat is best bijzonder.”
Als een boek ineens toch niet te dik blijkt
In haar klas ziet Danielle regelmatig hoe kinderen zichzelf verrassen tijdens het lezen. Zo gebeurde dat ook met het boek Lampje van Annet Schaap.
“Toen ik het boek liet zien, zeiden sommige kinderen meteen: Juf, dat boek is veel te dik. Maar toen ze eenmaal begonnen waren met lezen, veranderde dat snel. Uiteindelijk vonden ze het een prachtig boek. Dat laat wel zien hoe belangrijk het is dat kinderen de tijd krijgen om echt in een verhaal te komen.”
“Ik ben gewoon een leerkracht die graag leest”
Ondanks haar rol als leescoördinator blijft Danielle nuchter. Ze werkt inmiddels vijf jaar op De Zonnewende en verhuisde destijds vanuit Maarsbergen naar Apeldoorn voor de liefde en een nieuwe start.
“Ik ben eigenlijk gewoon een leerkracht die lesgeeft en alles rondom taal en lezen erg leuk vindt. Ik heb ook weleens iets anders gedaan dan onderwijs, maar uiteindelijk kom ik toch steeds weer terug in de klas. De kinderen en die interactie met hen blijven gewoon het leukste.”
Boekentip uit groep 7
Als ze één boek mag aanraden voor haar leerlingen, weet ze het meteen:
Een rugzak vol – Pieter Koolwijk
Het boek gaat over de stemmetjes in je hoofd die de jongen in het boek helpen zijn emoties beter te begrijpen. Precies wat ze haar leerlingen ook wil meegeven.
“Dat iedereen talenten heeft. En dat je zelf invloed hebt op wat je leert.”
Nog een tip voor leerkrachten
Voor collega’s die meer met lezen willen doen heeft Danielle nog een praktische tip. Op kinderboekenjuf.nl staan hele goede ideeën voor mini-leeslessen en leespromotie. Daar haal ik zelf ook regelmatig inspiratie vandaan.”
Maar uiteindelijk draait het volgens haar om iets heel simpels.
“Geef kinderen tijd om te lezen. En laat zien dat jij het zelf ook leuk vindt.”